with Geen reacties

T i m e  T r a v e l l e r s

Momenteel is op Viervaart een tentoonstelling te zien van Jeroen Eisinga en zijn moeder Pieternel Eisinga.
Moeder en zoon exposeren voor het eerst samen.
Time Travellers neemt de bezoekers mee naar hun vroege werk. Jeroen laat korte films, objecten en foto’s zien naast de monumentale wandkleden van zijn moeder. Jeroen en Pieternel nemen je mee op een turbulente rit terug in de tijd

Over Jeroen Eisinga
[1966, Delft]
Jeroen Eisinga begon performance kunst en films te maken in de vroege jaren ‘90. Hij maakte een serie controversiële films waarin het idee van lijden en persoonlijk gevaar als artistieke uitdrukkingsvorm centraal stonden. In zijn eerste performance (40-44-PG) cirkelt een Volkswagen Kever zonder bestuurder om de kunstenaar heen terwijl de kunstenaar geblinddoekt in tegengestelde richting loopt. In 2007 stelde Marianne Thieme (PvdD) kamervragen in het Nederlandse parlement over de film Arm Schaap, waarin een schaap minutenlang machteloos hijgend op zijn rug ligt. Met dit aangrijpende en haast religieuze beeld wilde Eisinga zijn compassie voor het lijden betuigen en tegelijk de hypocrisie aantonen van de voyeur die zich vergaapt aan het lijden van anderen. Het werk van Eisinga gaat in toenemende mate over tijdelijkheid en vergankelijkheid. In het monumentale Springtime liet hij zich overwoekeren door bijen en in zijn nieuwste film Nightfall zijn we getuige van een kudde schapen die om een wak heen staat in een sneeuwstorm op een bevroren meer. De latere films van Jeroen zijn langdurige zich traag voltrekkende processen.

Op Viervaart laat Jeroen een heel andere kant van zijn werk zien. In De Idioot praat hij tegen een maïsveld alsof het mensen zijn en in ‘Van de koele meren des doods’ is een stuk cabaret opgenomen dat zich afspeelt onder de rokken van Renée Soutendijk.

Over Pieternel Eisinga
[1933, Valkenswaard]
De wandkleden van Pieternel hebben titels zoals ‘Laden en Lossen’ en ‘Rots in het Veld’. Haar intuïtieve werk is gebaseerd op de rauwe energie van de industrie. In de tijd dat ze ‘Laden en Lossen’ maakte woonde ze op een industrieterrein en zag ze graafmachines aan het werk op een zandafgraving. ‘Rots in het Veld’ maakte ze na een reis in Bretagne. Ze zag rotsen in zee en diezelfde rotsen stonden ook op het land, waardoor het leek alsof de zee zich voortzette in het land. Ze bouwde een weefraam en maakte haar eerste driedimensionale wandkleed.
Pieternel verfde de materialen voor haar wandkleden, die ze maakte van zelfgesponnen wol, garen en sisaltouw, door ze te koken in natuurlijke materialen zoals uienschillen. De uienschillen gingen samen met het garen in een pan en kookten een half uur op het gas. Zo ontstond een prachtige roestbruine kleur. Pieternel werd gevraagd of ze wilde komen weven bij de Poolse weefster Jolanta Owidzka (in het begin van de jaren 60 waren wandkleden erg populair vanwege de Lausanne biënnale, waarvan de eerste plaatsvond in 1962). Pieternel weeft in de traditie van Poolse weefsters die zelf weefden en het niet door anderen lieten uitvoeren en daarbij zo experimenteel werkten, dat het weven plotseling niet meer als ambacht werd gezien, maar als eigentijdse kunst.

De tentoonstelling is te zien op afspraak
zaterdag en zondag 13.00 – 17.00 uur
+31 6 2485 7625 / Iris Cornelis